Nog geen lid? U kunt een account aanvragen. Als geregistreerde gebruiker krijgt u voordelen zoals de Thema-manager, opmerkingsconfiguratie en kunt u opmerkingen plaatsen onder uw eigen naam.
Glycemische Index Voedingsmiddelen hebben invloed op de bloedsuikerspiegel.
Vetten, de meeste groenten en eiwitrijke
producten hebben nauwelijks invloed op de bloedsuikerspiegel. Koolhydraten hebben
veel meer effect hierop, maar ook het effect van diverse koolhydraten is
verschillend. Bijvoorbeeld 100 gram gekookte wortel laat de bloedsuikerspiegel
ruim 5 keer zoveel stijgen als 100 gram rauwe wortel, terwijl er evenveel
koolhydraten worden gegeten. De glycemische index (GI) is de
reactie van de bloedsuikerspiegel op 50 gram koolhydraten van het betreffende
product. Dus hoeveel stijgt je bloedsuikerspiegel als je van dat product 50
gram koolhydraten eet?
Het ene product bevat veel meer koolhydraten dan het andere. Je hebt dus voor
zo'n meting van het ene product veel minder nodig, dan van het andere. Hierdoor
leveren de gegevens van de glycemische index soms wel erg theoretische
vergelijkingen op, waaraan je in de praktijk van alledag niet zoveel hebt.
Voorbeeld: brood bevat 50% koolhydraten. Om 50 gram koolhydraten van brood te
krijgen heb je dus 100 gram brood nodig. Wortelen bevatten 7 gram koolhydraten
per 100 gram wortelen. Om 50 gram wortelkoolhydraten te krijgen heb je dus 7,14
keer 100 gram wortelen nodig. Als je alleen kijkt naar de glycemische index van
voedingsmiddelen, dan vergelijk je het effect op de bloedsuikerspiegel van 714
gram wortel met het effect van 100 gram brood. In de praktijk eet je echter
meestal maar een klein deel van deze wortelen (bijvoorbeeld 100 gram) en van
brood eet je ongeveer de hele hoeveelheid, namelijk zo'n 65 tot 100 gram bij
één maaltijd (2 tot 3 boterhammen). Het bloedsuiker verhogende effect van 2 tot
3 boterhammen is dus veel groter dan het effect van 100 gram gekookte wortelen,
ook al hebben gekookte wortelen een iets hogere glycemische index dan brood.
Bij de berekening van de glycemic lading wordt uitgegaan van redelijke/
gemiddelde porties.
Glycemische lading Bij de glycemic lading (GL) worden
'gemiddelde porties' genomen en wordt dan berekend wat het effect is van dat
portie op je bloedsuikerspiegel. Het is natuurlijk altijd betwistbaar wat een
gemiddeld portie is, maar het gewicht op basis waarvan de berekening is
gemaakt, wordt erbij vermeld. Als je de dubbele hoeveelheid eet is de glycemic
lading ook het dubbele. In de lijst heb ik bij brood ook vermeld wat de
glycemic lading is voor 1 en voor 2 boterhammen. De één eet altijd 3
boterhammen en een ander maar één; voor de glycemic lading levert dit stevige
verschillen op. De glycemic lading wordt als volgt berekend:
Glycemische index/ 100 x verteerbare koolhydraten (KH) per 100 gram x gewicht
van het portie.
Bij het gewicht van het portie is 100 gram "1", 120 gram = 1,2 250
gram = 2,5 etc.
Voorbeeld berekening GL van 100 gram gekookte wortelen (GI= 85): 85/100 x 7
gr.KH x 1 = 6